Buiten is het guur en soms gemeen koud. Toch worden de dagen weer langer, in de verte begint de lente te dagen. Zo’n seizoensverandering gun je ook onze samenleving en de hele wereld waar het ook guur en gemeen koud is.
De Veertigdagentijd is in aantocht, die begint 5 maart met Aswoensdag. In de vier kerken van onze parochie wordt die dag de liturgie gevierd, het askruisje uitgereikt.
‘Gedenk mens dat je stof bent’ of ‘Bekeer je en geloof het Evangelie’. Mensen zijn breekbaar en kwetsbaar. Wij zijn maar stof. Tegelijk zijn christenen ook mensen met een hoge roeping.
We zijn genodigd ons op Jezus te richten, trouw zijn Evangelie zichtbaar te maken door op een vernieuwde wijze te leven. De Veertigdagentijd roept ons om onze relatie met God, met elkaar en onszelf te verdiepen. Jezus geeft in het Evangelie van Aswoensdag aanwijzingen hoe dat te doen.
Onze gerechtigheid moet groter zijn dan die van Schriftgeleerden en Farizeeën. Het gaat om meer doen dan het gewone: aalmoezen geven, om gebed en vasten.
Aalmoezen staat gelijk met naastenliefde, gerechtigheid en solidariteit. Binnen het Gods volk heeft gerechtigheid te heersen maar altijd dreigt er het gevaar van onverschilligheid. Worden wij geraakt door de ellende van de armen in onze wereld? Door de nood van vluchtelingen? De zorgen van de daklozen, vaak vlakbij in onze omgeving? Door de eenzaamheid van niet weinig alleenstaanden?
Wij krijgen 40 dagen om ons bewust te worden dat wij geroepen zijn tot verbondenheid met de kleinen en kwetsbaren van deze wereld. In kracht van de Geest kunnen wij oefenen in solidariteit waarbij de linkerhand niet hoeft te weten wat de rechterhand doet.
Jezus praat niet alleen over een horizontale gerechtigheid ten opzichte van onze naasten. Hij spreekt ook over de verticale gerechtigheid: het gebed. Jezus is zelf een bidder en dat heeft zijn leven gedragen. Steeds lezen wij in de Bijbel dat Jezus tijd vrij maakt voor het gesprek met God die Hij zijn Vader noemt. Hij bidt in de vrije natuur maar ook in de synagogen en bij gelegenheid van de feesten is Hij in de grote Tempel van Jeruzalem. De komende 40 dagen kunnen wij gebruiken om onze band met God biddend te verdiepen.
Naast aalmoezen en het gebed spreekt Jezus ook over vasten. In het Evangelie lezen wij dat ook Jezus perioden van vasten kende. Wordt carnaval onveranderd gevierd, het vasten dat daarop zou moeten volgen verdween in snel tempo.
Tegelijk bij steeds meer christenen, zowel rooms-katholiek als protestant, een verlangen om de Veertigdagentijd weer een vastentijd te laten zijn. Zij zoeken én vinden nieuwe vormen om het vasten inhoud te geven. Zo kunnen mensen zichzelf leegmaken waardoor er meer ruimte
komt voor de overdenking van de werkelijk belangrijke vragen van het bestaan. Wat is de zin van mijn leven? Waar ben ik mee bezig? Wat zijn de prioriteiten in mijn leven? Dien ik met al mijn slaven en sloven werkelijk de Heer en de ander of draait alles rond mijn eigen dikke ik?
Ik wens iedereen een gezegende Veertigdagentijd, in welke vorm dan ook. Dat het u mag vernieuwen en gelovig doet groeien als mens. Tot ziens, in de kerk of waar dan ook.